Jeugdcriminaliteit

Afstudeeropdracht

Academie voor sociale studies.

 

Termijnen.

De termijnen in het jeugdstrafrecht zijn vastgesteld en dienen te alle tijde nageleefd te worden. Om deze termijnen te bewaken heeft de jongere een advocaat. Daarnaast wordt regelmatig getoetst of de jongere terecht wordt vastgehouden.

 

Verhoor.

Het verhoor van een minderjarige mag maximaal zes uur duren, de uren tussen 00.00 uur en 09.00 uur tellen niet mee. Feitelijk kan een jongere dus van 00.00 ís nachts tot 15.00 uur de volgende dag vastgehouden worden voor verhoor.

Gedurende de periode van verhoor heeft de jongere geen recht op bezoek van bijvoorbeeld de ouders of een advocaat.

 

Inverzekeringstelling/voorlopige hechtenis.

Wanneer de politie de jongere na de maximale zes uren voor verhoor niet naar huis heeft gezonden gaat de periode van in verzekeringstelling in. Deze voorlopige hechtenis mag maximaal drie dagen duren. In deze drie dagen komen de Raad voor de Kinderbescherming en de piketadvocaat zo spoedig mogelijk, en bij voorkeur binnen 24 uur, op bezoek op het politiebureau.

 

In bewaringstelling.

Jongeren moeten binnen drie dagen en 15 uur na de aanhouding worden voorgeleid bij de rechter-commisaris. De rechter-commisaris beoordeeld of de jongere terecht is vastgehouden. Bij deze voorgeleiding is de advocaat van de jongere aanwezig en een medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming. Ook mogen ouders hierbij aanwezig zijn. De officier van justitie kan verzoeken om de jongere nog 14 dagen vast te houden, dit is de inbewaringstelling. De beslissing tot inbewaringstelling is afhankelijk van juridische factoren en de persoonlijke omstandigheden van de jongere.

 

Maximale duur van het verblijf op het politiebureau.

Minderjarige verdachten kunnen maximaal zes dagen worden vastgehouden op het politiebureau. Hierna moeten zij overgebracht worden naar een justitiŽle jeugdinrichting.

 

Gevangenhouding.

Na de inbewaringstelling kan de officier van justitie verzoeken om de jongere nog langer vast te houden. Dit kan voor een periode van 30 dagen. Hierna kan de gevangenhouding nog tweemaal 30 dagen verlengd worden waardoor het in totaal maximaal 90 dagen kan zijn. Binnen deze periode volgt dan de zitting bij de kinderrechter.

 

Jeugddetentie.

De duur van de jeugddetentie is voor jongeren tot dan 16 jaar minimaal 1 dag en maximal 12 maanden. Voor jongeren vanaf 16 jaar is de maximale duur 24 maanden. Wanneer een jeugddetentie wordt opgelegd moet de jongere uiterlijk binnen 30 dagen na het voltrekken van het vonnis geplaatst worden.

 

Termijn plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ-maatregel).

Een PIJ-maatregel kan worden opgelegd voor de duur van twee jaar. De maatregel kan vervolgens maximaal twee keer met twee jaar worden verlengd. De totale duur is dus maximaal 6 jaar. Deze maatregel kan daardoor ook doorlopen tijdens de meerderjarigheid van de jongere.Wanneer een PIJ-maatregel wordt opgelegd moet de jongere uiterlijk binnen 30 dagen na het voltrekken van het vonnis geplaatst worden.

 

Tussen verhoor en straf.

Jongeren moeten binnen 90 dagen na het eerste verhoor een straf opgelegd krijgen door het openbaar ministerie. Wanneer de jongere gedagvaard wordt, en dus voor de kinderrechter moet verschijnen, moet het vonnis binnen 6 maanden na het eerste verhoor uitgesproken worden.

Wanneer een taakstraf wordt opgelegd moet de jongere hier uiterlijk binnen 30 dagen mee beginnen.