Jeugdcriminaliteit

Afstudeeropdracht

Academie voor sociale studies.

 

ADHD.

ADHD is een afkorting voor ‘attention deficit hyperactivity disorder’. Dit betekent een aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit.

 

ADHD kent drie aandachtsgebieden waar zich de problemen voor doen:

 

- aandachts- en concentratieproblemen;

- impulsiviteit;

- hyperactiviteit.

 

ADHD leidt ertoe dat kinderen zich slechter aanpassen aan de sociale omgeving. Op langer termijn kan dit ontsporing tot gevolg hebben. De omgeving van een kind met ADHD is heel bepalend. Tegenwoordig is er veel bekend over ADHD, waardoor er met medicatie, psycho- educatie, behandeling en pedagogische ondersteuning de aandachtsgebieden van ADHD verbeterd kan worden. Hiermee wordt dan ook de verhoogde kans op later crimineel gedrag weggenomen. Wanneer een jongere met ADHD in een beschermende omgeving opgroeit, wanneer er geen sprake is van invloed van bepaalde risicofactoren, hoeft dit geen gevolgen te hebben voor de ontwikkeling van de jongere. De meeste jongeren met ADHD blijven op het rechte pad.

ADHD komt wel vaak voor bij delinquent gedrag. Ronduit zorgwekkend is bijvoorbeeld het gegeven dat één op de drie die voor de kinderrechter komt, ADHD blijkt te hebben (Dorelijers). Indien er bij een jongere sprake is van een combinatie van ADHD en een gedragsstoornis, dan zijn de vooruitzichten somberder.

 

Bij het ontstaan van ADHD kan erfelijkheid een rol spelen.  ADHD komt in bepaalde families vaker voor. Verder kunnen persoonlijkheid en temperament de ADHD versterken: sommige mensen zijn ‘van nature’ impulsiever opvliegender, beweeglijker of dromeriger dan anderen. Omgevingsinvloeden kunnen ervoor zorgen dat ADHD tot uiting komt of verergert. Bijvoorbeeld spanningen tussen ouders, een chaotische opvoedingssituatie, veel afkeuring of pestgedrag op school.

 

 

Terug naar de vorige pagina