Jeugdcriminaliteit

Afstudeeropdracht

Academie voor sociale studies.

 

GedragsStoornissen.

Men kan spreken van een gedragsstoornis wanneer er sprake is van een zich herhalend en aanhoudend gedragspatroon bij kinderen, waarbij sociale regels en normen worden overtreden, zowel in de thuissituatie, op school en in de vrije tijdsbesteding.

 

In de psychopathologie is er sprake van een stoornis als er is voldaan aan de volgende vier voorwaarden:

 

1. Het betreft een abnormaal verschijnsel. Abnormaal is wat afwijkt van een sociale norm, wat in een populatie als normaal geldt.

2. De stoornis brengt ongemak, lijden of bezorgdheid teweeg bij de betrokkene en/of de omgeving.

3. De kenmerken van de stoornis dienen te passen binnen het geldende wetenschappelijke begrippenkader.

4. Er moet sprak zijn van een aanhoudend probleem (en dus bijvoorbeeld niet gebonden zijn aan een bepaalde periode, zoals de adolescentieperiode).

( Ferwerda, Jakobs, Beke, 2006)

 

 

Gedragsstoornissen

 

Een gedragsstoornis is een psychische stoornis die ontstaat vanuit aanlegfactoren (erfelijkheid of aangeboren afwijking) en omgevingsinvloeden. Aanleg- en omgevingsfactoren hebben invloed op elkaar, deze versterken elkaar.

Vroeger zei men vaak dat het te maken had met de opvoeding, die periode is voorbij. Het kan niet meer geweten worden aan een niet goede opvoeding of verkeerde vrienden. Sommige kinderen worden geboren met een minder dan normaal prikkelbaar autonoom zenuwstelsel. A.Raine e.a. hebben ontdekt dat kinderen die geboren worden met een laagfrequente hartslag tien jaar later een verhoogde kans hebben agressief te zijn. Dit blijkt ook zo te zijn bij baby’s die na de geboorte verwaarloosd worden. Wanneer baby’s met een laagfrequente hartslag ook nog verwaarloosd worden, is de kans op agressief gedrag tien jaar later zes tot zeven keer groter dan van de eerst twee genoemden situaties. (Dorelijers, 2007).

 

Gedragsstoornissen gaan vaak gepaard met leerproblemen, stemmingsproblemen, hyperactiviteit en middelengebruik. De meest voorkomende gedragsstoornissen bij jeugddelinquentie zijn, ADHD, oppositioneel opstandige gedragsstoornissen (ODD) en Antisociale gedragsstoornissen (CD).

Als gedragsproblemen zich al op jonge leeftijd voordoen is er in de adolescentie en volwassenheid een verhoogde kans op criminaliteit. Het ontstaan en in stand houden van gedragsstoornissen komt door een wisselwerking tussen neurobiologische, psychologische en omgevingsinvloeden.